Kennisplein Blogs De Japanse steenhouwer
Biografie in Vijf Hoofdstukken
Biografie in Vijf Hoofdstukken
Biografie in Vijf Hoofdstukken
Biografie in Vijf Hoofdstukken
Biografie in Vijf Hoofdstukken

Tekstgrootte



Registreren is gratis en vrijblijvend.

De voordelen van registreren:

- Gratis downloads

- Korting op onze trainingen

- U ontvangt onze nieuwsbrief

De Japanse steenhouwer

PDFAfdrukken

steenhouwer_125

 

Beste Jaap,

Het is mijn beurt om een verhaal te vertellen. Er zijn heel veel verhalen die ik nu zou willen vertellen, echter er is altijd 1 verhaal dat je meer raakt dan alle andere verhalen. Voor mij is dat het verhaal van de Japanse steenhouwer. Het is een verhaal uit de Max Havelaar van Multatuli. Dit verhaal blijkt eigenlijk van ene Wolter Robert van Hoëvell te zijn.  Hoewel het een Oosters verhaal is, heb ik het altijd als een les voor de westerse maatschappij gezien.


Ik vertel het verhaal al heel lang in mijn trainingen en beschouw het een beetje als mijn verhaal.

De Japanse steenhouwer

Er was er eens een Japanse steenhouwer, hij werkte van ‘s morgens vroeg tot ’s avonds laat. Het was zwaar werk en het leverde ook nog eens weinig op. Het is dan ook niet vreemd dat toen hij op zekere dag een rijke koopman voorbij zag komen, hij wenste dat hij net zo rijk zou zijn als deze rijk geklede koopman. Wat een leven zou hij dan hebben, Lekker eten en bedienden om aan elke wens die hij had tegemoet te komen. De wens was nog niet uitgedacht of er verscheen een engel voor hem die zei: “Zoals u wenst, u zult rijk zijn.” En hij was rijk woonde in een groot huis en kon zich bijna alles veroorloven wat hij wilde.

 Een paar maanden later kwam de koning op bezoek in zijn stad. De koning kwam aan met een rijtuig en had een schitterende mantel aan. Der koningin die naast hem zat was de mooiste vrouw die de steenhouwer ooit had gezien. Op slag was de steenhouwer zo jaloers dat hij wenste dat hij de koning was. En jawel hoor, ook deze keer schoot de engel te hulp. In een flits zat de steenhouwer in de koets en was de machtige koning met een prachtige koningin naast zich geworden.

 

De steenhouwer kon zijn geluk niet op. Hij was zowaar enkele maanden zeer gelukkig….totdat. Op een dag werd hij uitgenodigd om bij de keizer op bezoek te komen. Samen met alle koningen werd hij ontvangen bij de keizer. Het paleis was letterlijk en figuurlijk met goud behangen. Overal waren tuinen met fonteinen. Zalen met de meest kostbare kunstvoorwerpen. De koning keek zijn ogen uit en dacht bij zichzelf. Als ik toch eens keizer zou kunnen zijn. En jawel de engel realiseerde ook deze wens. De steenhouwer had nu niets meer te wensen. Alles wat er te bereiken was in het leven had hij nu voor elkaar. Hij kon zijn geluk niet op.

 

Op een warme, zeg maar zeer hete, zomerdag zat de steenhouwer in een van zijn tuinen te genieten van het prachtige weer. De zon was echter veel te heet om in te zitten en de steenhouwer klaagde dat de zon hem verbrandde en dat de zon eigenlijk machtiger was dan hem. Erg tevreden was hij opeens niet meer. Hij zuchtte en riep: “Ik zou willen dat ik de zon was.” En weer vervulde de engel zijn wens. En hij was de zon. En hij zond zijn stralen over de hele aarde, voor zover hij die kon zien. Hij verschroeide het gras op de aarde en verbrandde het gelaat van de machtigen op aarde. Hij kon zijn geluk niet op.

 

Het duurde deze keer niet lang of er stelde zich een wolk tussen de aarde en hem. En hoe hard hij ook straalde, de stralen van de zon stuitten daarop terug. De steenhouwer werd jaloers dat zijn macht weerstaan werd en hij klaagde dat die wolk machtiger was dan hem. Het beviel hem in het geheel niet. Hij had een grote wens en wilde de wolk zijn die zo machtig was. Ook deze keer was de engel gewillig en liet de steenhouwer de wolk worden. En de wolk regende in grote druppels op de aarde en deed de rivieren zwellen. Hij veroorzaakte vele overstromingen en spoelde alles weg.

 

Alles? Nee er was een rots die niet week. Hoezeer hij ook zijn best deed met wolkbreuken en hagelbuien de rots week niet. Nu werd hij woedend en schreeuwde; “Ik wil de rots zijn”.En hij werd  de rots en bewoog niet als de zon scheen en niet als het regende.

 

Hem kon niets meer gebeuren. Totdat hij in de verte een man met houweel en met puntige beitel en een zware hamer aan zag komen, die stenen hieuw uit de rots. En de rots zei: “Wat zullen we nu hebben, deze man is machtiger dan ikzelf hij breekt mij af”. Dit maakte hem niet erg gelukkig en hij wenste de steenhouwer te zijn. Aldus geschiedde.  En hij was een steenhouwer. Hij werkte van ‘s morgens vroeg tot ’s avonds laat. Het was zwaar werk en het leverde ook nog eens weinig op. Maar hij was wel tevreden.

Ron Kamp

mei 2010